Zie hier voor een verklaring van de gebruikte coderingen.
paqquʿâ, zn. vrl., TWOT 1804b; Het Hebreeuwse פּקּעה (mv. פַּקֻּעוֹת) komt van פָּקַע Syr., i.q. בָּקַע “klieven, breken” (E. Klein, p. 522; cf. Duits plaßen), omdat ze bij aanraking gemakkelijk openbarsten.
1) hapax plant kolokwint (2 Kon. 4:39);
